Zittingsperikelen

Tags

, , , , ,

‘U weet toch waarom we hier bij elkaar zijn?’
Vader en moeder, zittend tussen de verschillende instanties in knikken beiden bevestigend. Ja, ze weten het maar al te goed. Ze waren er al eerder. Twee keer zelfs. Toen haalde het niets uit. Werd niet toegewezen wat ze zo graag wilden.
De rechter had de vorige keer gezegd dat er over een jaar nogmaals naar gekeken moest worden en dus zijn ze terug. Om weer te verzoeken wat tot nu toe twee keer afgewezen was.
Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming nemen als eerste het woord. Vertellen waarom het inderdaad een goed idee is wat de ouders wensen.
Mijn vingers vliegen over de toetsen van mijn toetsenbord om geen enkel woord te missen.
Pleegouders komen aan het woord en de pleegvader leest een emotioneel betoog voor. Hij vecht voor het kind. Zijn vrouw zit stilletjes naast hem in de bank. Een wit gezichtje, haar blik strak vooruit.
De biologische ouders zitten onbewogen naast elkaar. Emoties zijn niet af te lezen van het gezicht. Ze luisteren naar alles wat gezegd wordt en geven antwoord als hen iets gevraagd wordt, maar iedere keer komt hetzelfde verzoek naar voren.
Dan is het even stil.
De rechter denkt na. Wikt en weegt. Leest nogmaals stukken door uit het dikke dossier dat voor haar ligt en slaakt dan een zachte zucht.
‘Ik ga erover nadenken,’ besluit ze dan. ‘Het is ingewikkeld. Ik moet niet alleen naar de emotionele kant kijken, maar ook de wet ernaast leggen. De uitspraak volgt over een paar weken.’
Ze slaat het dossier dicht.
De moeder veert op. Haar stem schiet een paar octaven omhoog als ze paniekerig zegt: ‘Maar het is toch duidelijk? Iedereen wil hetzelfde. Het is voor ons kind beter dat hij bij zijn pleegouders woont en niet bij ons. Wij willen hem niet.’
De rechter blijft echter bij haar besluit. Uitspraak volgt over een aantal weken.
Nadat iedereen de zaal heeft verlaten kijken we elkaar aan, de rechter en ik.
‘Gaat dit ooit wennen?’ vraag ik dan.
De rechter schudt haar hoofd.
‘Nee, ik ben bang van niet,’ zegt ze dan. ‘En misschien is dat maar gelukkig ook.’
Waarvan akte.

zitting

De week in snapshots #10

Tags

, , , , ,

snapshots10De afgelopen week stond in het teken van ‘de boom’. Zowel thuis als op het werk.
Thuis kwamen mijn lief en ik erachter dat dit echt het eerste jaar was dat we samen de kerstboom kochten en ook samen de lampjes en ballen er inhingen. Meestal deed ik dit met één van de kinderen, maar nu ze allemaal het huis uit zijn en op zichzelf wonen, wordt de ene gezinstraditie vervangen door een andere. Na ruim twaalf jaar huwelijk hebben we eindelijk verkering! Het nam een dag in beslag, en we genoten ons suf! Op het werk hoefde ik het miniboompje alleen maar uit een doos te trekken, wat takken in vorm te duwen, de stekker in het stopcontact te zetten en voilà, klaar was ik.
Verschil moet er zijn.
:-)
Ook lag ik weer een dik uur bij de acupuncturist op de tafel. Kijkend naar de grote kast in haar behandelkamer bedacht ik me voor de zoveelste keer hoe zeer ik me verwant voel met deze cultuur. Zou het nu komen omdat er – ergens in een ver verleden – Chinees bloed door onze aders is gedruppeld of is het gewoon een vorm van interesse? Ik zou het niet weten…
Ook was het een week die in het teken stond van familie. De film van het jaar: ‘Boyhood’ was een onverwacht cadeautje om te kijken. De scène waar de moeder in de laatste tien minuten van de film ineens begrijpt hoe relatief het leven en een gezin hebben is, is indrukwekkend. Een aanrader voor iedereen die hem nog niet gezien heeft!

 

Postscriptum; omdat niet schrijven geen optie is

Tags

, , , , , ,

Verwarmd door de vele reacties.
Ontroerd omdat ik zoveel lieve berichtjes, mailtjes, kaartjes en berichtjes heb ontvangen.
Gesterkt door de vele inkijkjes die ik plotseling in jullie levens mocht krijgen, waarbij ik me steeds meer realiseer dat het spreekwoord ‘Ieder huisje heeft zijn kruisje’ zoveel meer is dan wat rake woorden, wil ik jullie bedanken voor alle steun en liefde die ik in de afgelopen dagen als antwoord op mijn blogje heb mogen ontvangen.
Het was een blogje van wanhoop.
Van angst om kwijt te raken wat me zo ontzettend lief is.
Van diep verdriet om alles wat er gebeurd is.
Ik hoop nog dagelijks dat het weer goed gaat komen tussen mijn ouders en mij.
Ooit.
Snel.
En ja, natuurlijk blijf ik schrijven. Over van alles en nog wat. Het gezin, het leven, mijn gedachten en gevoelens.
Maar niet meer over dit.
Want naast de vele lieve berichtjes, heb ik ook twee mailtjes van mijn broer ontvangen die ik als bedreigend en kwetsend heb ervaren. Die maken dat ik me boos, verdrietig en in de hoek gedreven voel.
En dat kan nooit de bedoeling zijn.

Dus: tot snel!

Omdat niet schrijven geen optie is!

strike

Terug (omdat niet schrijven geen optie is)

Tags

, , , , , , , , ,

‘Waarom schrijf je er niet gewoon over?’
Verschrikt kijk ik mijn collega aan.
‘Ben je gek geworden? Ik ga er echt niet over schrijven, hoor.’
Collega neemt mij rustig op.
‘Waarom niet?’ wil ze dan weten. ‘Je schrijft goed, je weet de woorden altijd te vinden en misschien geeft het je rust.’
‘Nee.’ Ik schud gedecideerd mijn hoofd. ‘Ik ga er niet over schrijven. Ze lezen mee, dat wil ik niet.’
‘Waarom niet?’ vraagt collega voor de tweede keer. ‘Toen het jaren geleden mis liep met je middelste heb je er ook over geschreven. Meerdere malen zelfs. Ik zou niet weten waarom je er nu niet over schrijven kunt. Ze hóeven het toch niet te lezen? Het is een eigen keuze.’
Ik knik. Ze heeft gelijk. Op meerdere punten.
Jaren geleden stond ik met middelste aan de andere kant van deze tere lijn. Machteloos. Proberend een evenwicht te vinden tussen dat wat wél en dat wat níet kon zijn. Na een paar weken hadden middelste en ik elkaar gelukkig alweer voorzichtig gevonden, gestimuleerd door mijn lief. Ook hij had gezien dat ik eraan onderdoor ging: een breuk met mijn kind. Ik ben altijd blij dat ik dat heb vast weten te houden en dat middelste mij heeft toegelaten. Óns heeft toegelaten. Want ook de band met mijn lief en middelste is ondertussen al lang weer hersteld.
‘Ik wil niet dat ze gekwetst worden,’ zeg ik dus tegen haar collega.
‘Worden ze dat dan, als je erover schrijft?’ vraagt de collega weer.
Ik haal diep adem.
‘Dat weet ik niet…’ aarzel ik. ‘Misschien…’
‘Tja,’ collega haalt een bekertje koffie uit de automaat en schuift een doos tissues naar me toe.
‘En jij? Ben jij niet gekwetst?’ vraagt ze dan.
Ik haal mijn schouders op.
‘Ja, natuurlijk wel. Ik bedoel, het gaat je niet in je koude kleren zitten als er tegen je wordt gezegd dat het dan maar ophoudt. Dat er al eerder contact is verbroken met familieleden en dat dit ook met mij gedaan kan worden. En als de hoorn dan wordt neergegooid ben je zo goed als vleugellam gemaakt. Dat heeft me diep geraakt.’
Collega zucht.
‘En dat allemaal omdat jij – je lief en jij – woorden hebben gehad met je broer? Ik snap er helemaal niets van. Ze hebben toch wel eerst naar jullie verhaal geluisterd? Je kunt toch niet voor een kind partij kiezen als je het andere kind niet gehoord hebt? Er vanuit gaande dat je als ouder überhaupt voor een kind zou moeten kiezen. Ik vraag me dat ook nog eens af.’
Ik schud mijn hoofd en besef hoe gek dat is inderdaad.
‘Nee, maar dat is ook moeilijk, want ik woon niet met hen samen. Dan is het al snel beter om het kind dat het dichtste bij zit vast te houden,’ zegt ze dan.
‘Hmmm, dat klinkt ook wel een beetje verongelijkt,’ zegt collega.
‘Misschien,’ geef ik toe.
‘Ben je jaloers op hem?’ vraagt mijn collega dan. ‘Dat hij meer aandacht krijgt dan jij, of zoiets?’
Nu schud ik hard haar hoofd.
‘Nee joh, echt niet,’ schrik ik. ‘Ik zou niet willen ruilen met hem. Het is meer dat ik het zo gek vind dat ze altijd mopperen over elkaar tegen mij en als ik er dan een keer iets van zeg vervolgens de wind van voren krijg. Ik ben er echt heel erg van geschrokken. Ik had ook nooit gedacht dat ik zomaar, pats-boem, uit het gezin gekickt zou worden. En dan door mijn vader. Nee, echt nooit…’
Collega rijkt mij zwijgend een tweede tissue aan.
‘Tja, moeilijk is dit,’ zegt ze. ‘En toch, ik vind het geen reden om nu volledig te stoppen met schrijven. Je schrijft gewoon veel te graag. Het is je passie, je leven. Dat ziet iedereen. Ik vind ook écht dat je het schrijven weer op moet pakken. Serieus, hoor. Dat meen ik!’

Bij deze.
Omdat niet schrijven geen optie is.

terug2

Wreed

Tags

, , , , , , , , ,

Een paar maanden geleden werd het idee geboren.
Weken van inwerken, luisteren, uitleggen, meelopen en opleiden volgden en hoewel er voor 2015 nog een flink aantal modules studie op het program staan, was het afgelopen week zover: ik ging mijn eerste echte zitting als griffier (zonder back-up van een andere griffier!) alleen doen.
Het scheelt dat ik al flink wat jaren bekend ben met de materie, maar wat nieuw voor me was, – en wat maakte dat ik me toch ineens weer verbaasde – was het feit dat dossiers plotseling gingen leven voor me. Dat deze niet alleen maar die stapel papieren bleek te zijn die ik zo vaak op onze griffie zie liggen of waar ik onze rechters en secretarissen mee zie sjouwen. Voor het eerst maakte ik kennis met de gezichten en families achter al die dikke dossiers.
De verhalen zijn schrijnend.
Verdrietig ook.
Ouders die ooit zo graag samen kinderen hebben gewild, staan plotseling als kemphanen tegenover elkaar. Vastberaden om elkaar het leven zo zuur mogelijk te maken.
Sommige zaken zijn verbijsterend.
Daar waar sommige ouders vechten om een uurtje meer omgang met hun kind, proberen andere ouders juist om te ontkennen dat een kind hun kind is. Willen ze niets met het kind te maken hebben. Doen ze er alles aan om geen vader of moeder meer te zijn.
Sommige zaken zijn zo bizar, dat ze bijna lachwekkend worden. Vechten om theelepeltjes of gebaksvorkjes; het gebeurt echt.
Andere zaken doen zeer. Als het voor een kind beter is dat hij of zij gesloten in een zorgstelling of instelling wordt geplaatst, gaat dat niemand in de koude kleren zitten.
Bureau Jeugdzorg of de Raad voor de kinderbescherming schuiven vaak aan in de zittingen waar ik nu ook bijzit. Toeziend voogden geven advies en er wordt gewikt en gewogen. Alles om te bekijken, bespreken wat het beste is voor een kind.
Ik heb de afgelopen weken al heel wat zaken voorbij zien komen en ik weet nu al dat dit stukje nieuw werk ongelooflijk interessant en leerzaam is voor mij. Zoveel mensen, zoveel levens, zoveel wensen, zoveel mogelijkheden.
‘Ben je niet bang dat het je persoonlijk zal raken, al die verhalen?’ vroeg een vriendin.
Daar moest ik even over nadenken. Het antwoord is nee. Ik weet hoe het is om aan de andere kant te zitten. Om boos te zijn, verdrietig, machteloos zelfs. Maar het verleden heeft z’n plek gevonden. En dat is goed.
De enige vraag die met enige regelmaat door mijn hoofd spookt is hoe het toch mogelijk is dat mensen zo ongelooflijk wreed naar elkaar kunnen zijn. Ik bedoel, ik begrijp best dat ze soms ongelooflijk boos zijn op elkaar. Om dingen die gebeurd zijn. Gezegd zijn.
Maar tussen boosheid en wreedheid ligt volgens mij nog een wereld van grijs.
De kunst is om dat stuk te vinden en te willen bewandelen.

angry

De week in snapshots #9

Tags

, , , , , , , , , ,

snapshots9

 

Terwijl mijn zwagers genieten van een vakantie met tropische temperaturen, heeft hier de houtkachel menig uur gebrand afgelopen week. Vrolijk stuurden zij foto’s van witte stranden, blauwe zee, ondergaande zon en zeilbootjes waar ze vast met een cocktail in hun hand naar lagen te kijken. Ik stuurde ze een foto van onze kachel. Om ze te herinneren er vooral van te genieten, omdat de winter in Nederland veel dichterbij is dan de zomer!
In onze straat weten ze dat ook, dus werd er flink gesnoeid zo links en rechts. Tot grote frustratie van mijn lief en oudste liep ik speurend langs alle stammetjes die opgestapeld lagen om weggehaald te worden. Na wat overleg links en rechts werden oudste en lief ingeschakeld: sjouwen moesten ze. Ik zou wel helpen, dat was geen probleem. Al snel lag er achter het huis een enorme stapel hout.
Mijn lief ging in de weer met zaag en bijl en ik stapelde een muur van blokken. Klaar om te laten drogen, klaar voor volgend jaar.
Geweldig!
Op het werk werd ik verrast door een buurvrouw-witte-piet. Strooiend wandelde ze door mijn kamer, mij achterlatend met een bak vol pepernoten.
*jammie*
Vrijdag kreeg ik een mailtje van een blogvriendin.
‘Leuke foto in de Margriet!’
Verrast trok ik het folie van mijn eigen Margriet. Ik had nog niets gezien! En jawel, daar op bladzijde 6, in de rubriek ‘Foto van de week’ stond mijn foto, gemaakt tijdens onze vakantie afgelopen jaar in Amerika. De hele dag was ik weer met mijn hoofd in Amerika. Het land van de onbegrensde mogelijkheden, het land van weidsheid en ruimte. Het maakte me warm en bezorgde me tegelijkertijd een heimwee-gevoel.
Natuurlijk heb ik ook afgelopen week mijn vingers behoorlijk blauw getypt. De teller gaat maar door en na vandaag heb ik nog zeven dagen de tijd. Zeven dagen om de magische 50.000 woorden te halen.
Het valt me niet tegen. De klok hangt op dit moment op 37.225 woorden (mooi getal wel!), dus ik heb er nog 12.775 te gaan. Dat zijn 1825 woorden per dag, áls ik vandaag geen letter meer schrijf. Misschien moet ik nog eventjes aan de slag dus, wil ik het iets behapbaarder maken voor mezelf aankomende week. Hoewel… 30 november is op zondag. En dát is wel een gelukje misschien….

 

Richting

Toen ik eenentwintig was vond ik dat het tijd werd om mijn rijbewijs te halen. Ik had er tot dat moment eenvoudigweg geen geld voor gehad en voordat ik mezelf in een gezin zou gaan storten, vond ik het belangrijk om dat felbegeerde roze papiertje te halen.
Ik meldde mij bij een rijschool die door collega’s was aanbevolen.
De man, niet de meest vriendelijke, had een eenmansbedrijf en stond er om bekend dat de meeste van zijn leerlingen in één keer zouden slagen. Dat sprak mij wel aan, dus ik nam zijn stugge houding voor lief.
Op het dashboard had hij een briefje geplakt. En regelmatig duwde hij mijn neus naar het briefje als ik – volgens hem – iets ontzettend doms gedaan had en hij had moeten ingrijpen d.m.v. rem of een ruk aan het stuur.
‘Lees!’ brulde hij dan en dwong mijn ogen naar het briefje.
‘Kijk waar je naar toe moet, niet waar je naar toe gaat!!!’
Met drie uitroeptekens erachter inderdaad.
Na menig wankele bocht, had ik het door.
Ik keek naar rechts tijdens het nemen van die bocht naar rechts en vice versa naar links als die bocht eraan kwam. Ik merkte ook dat de bocht naar links beduidend moeizamer (en slordiger!) ging als ik op dat moment naar rechts keek. De wijsheid zat dus al snel in mijn hoofd.

De man is al jaren dood. Dat weet ik van één van zijn dochters, die ik ooit eens in de supermarkt tegenkwam. Het hele gezin kende zijn leerlingen namelijk, want theorie werd bij hem aan de keukentafel geoefend.
Toch denk ik nog regelmatig terug aan hem en dan met name aan dat ene zinnetje.
Niet eens zo in het verkeer. Die regels zijn zo ingesleten, dat ik ze volg zonder er veel over na te denken.
Nee, ik denk er aan als ik twijfel. Als ik het gevoel heb dat er iets is dat een ander zegt wat blindelings wordt gevolgd zonder dat er naar mij wordt geluisterd. Als ik van de tafel wordt geveegd zonder hoor en wederhoor. Als ik vermoed dat anderen het beter vinden dat ik hun weg volg in plaats van de mijne.

Ik denk er de laatste tijd veel aan.

De woorden van die norse brombeer.
Ze waren bedoeld als regels binnen het verkeer. Om richting te bepalen.
Volgens mij heeft hij nooit kunnen bedenken dat een leerling van hem deze regel veel vaker in het gewone leven overdenkt dan in het verkeer.
En zo blijft hij leven.
Voor mij.

This is life

De week in snapshots #8

Tags

, , , ,

snapshots8

 

De afgelopen week is een week van werken en twijfelen geweest.
Werken op mijn werkplek, in het Paleis in Den Bosch of aan de keukentafel, ploeterend boven mijn toetsenbord. Om Mijn target te halen. 1667 woorden per dag en meer als ik eens een keer een dag durf over te slaan. Waar ben ik aan begonnen?
Om het verhaal dat ik schrijf nog enigszins ergens op  te laten lijken, breng ik ook weer meer tijd door in de bibliotheek. Op zoek naar een clou, op zoek naar een omgeving, op zoek naar het verhaal.
Lijden en Liken, het scheelt maar een paar letters, maar blijkt een wereld van verschil!
Als ik naar het Paleis ga om te werken stap ik al vroeg in de trein. Nog steeds klimmend met de stalen trappen van de ene kant van het station naar de andere kant. Als het echter goed is, zal dat aankomende week niet meer hoeven. Ze hebben ons door middel van kaarten geïnformeerd dat we vanaf aankomende week ons niet meer de hoogte in hoeven te slepen. Ik ben benieuwd! Het zal me per dag toch al snel vijf tot tien minuten schelen, waarin ik later van huis mag gaan. En dat is best lang, als je ‘s-morgens om kwart voor zeven de deur achter je dicht trekt.
Oudste werkt keihard aan zijn eindproduct. Mijn lief coacht hem vanaf de zijlijn. Soms met harde hand, soms met opbouwende kritiek. En allemaal weten we: het is voor het goede doel. De uitreiking van de zijn bul, in de komende maanden.
Twijfelen deed ik over de enorme poespas rondom de Pietendiscussie. Voor het eerst sinds lange tijd volg ik weer het Sinterklaas-journaal. En eerlijk is eerlijk, ik vind de oplossing die rondom de pieten bedacht is best charmant. Ik mis mijn eigen, ouwe, vertrouwde Sinterklaas nog wel, maar de tijden veranderen. Sinterklaas is Sinterklaas niet meer en Zwarte Piet wordt ingehaald door een Kleurenpiet. Zo gaat dat dus.
Door allerlei persoonlijke omstandigheden twijfel ik ook of ik wel door wilde gaan met mijn blog. Maar dat vind ik ook moeilijk. Ik schrijf zo graag…. En dus twijfel ik daar nog maar even over door.
Misschien dat ik wel ergens anders opnieuw begin. Of iets ga veranderen. Of…
Nou ja, zoals gezegd: twijfel dus.

De week in snapshots #7

Tags

, , , , ,

snapshots7

De dagen vliegen voorbij. Voor je het weet is het alweer kerst, terwijl ik het gevoel heb dat de herfst nog niet eens echt begonnen is.
Afgelopen maandag moest ik naar de acupuncturist. Sinds mijn burnout een aantal jaren geleden, blijf ik regelmatig ‘in onderhoud’ bij mijn acupuncturist om te zorgen dat ik niet terugval in mijn klachten.
De Chinezen geloven er heilig in dat je ziekte moet voorkomen en dat je dit kunt doen door middel van gezonde voeding, gezond leven, door regelmatig te mediteren, yoga te beoefenen of bijvoorbeeld bezig te zijn met Qi Kong, Tai Chi of andere lichaams-beweging. Ook hebben ze de gekke gewoonte om hun arts (acupuncturist) te betalen voor consulten om gezond te blijven en stoppen ze deze betaling op het moment dat ze ziek worden. Dan moet de arts eerst maar weer zorgen dat ze goed in balans zijn, voordat ze de goede man of vrouw weer gaan betalen.
Nu werkt dat niet zo in Nederland natuurlijk, maar een ik geloof wel in dat stukje onderhoud. En dus zit ik braaf iedere 5-6 weken bij de acupuncturist voor mijn onderhoudsdosis. Ik moet altijd lachen om de dikke Chinezen die in de wachtkamer van mijn acupuncturist hangen. Je zou van minder blij worden!
Verder gingen we deze week definitief door de stoel heen die in de kamer stond. Terwijl ik over mijn NaNoWriMo zat gebogen, haalde mijn lief de stoel die ik van mijn omaatje geërfd heb naar beneden. En die zit heerlijk! Nu staat deze herinnering dus naast de kachel en ik ben er helemaal blij mee. Het is een lekker leesstoel.
De laatste tijd halen we steeds vaker ongesneden brood bij de supermarkt of bij de bakker. Lekker ouderwets dikke boterhammen snijden. Ook dat is een genietmomentje.
Net als de voorstelling die we donderdagavond in het theater zagen. Een groot genietmoment was dat zelfs! Maar daar heb ik in het vorige blogje al uitgebreid over geschreven!
Een minder genietmoment en tegelijkertijd eigenlijk zo ontzettend leuk is de schrijfmarathon waar ik me in gestort heb. Af en toe vliegen mijn vingers over de toetsen, kunnen ze bijna niet bijhouden waar mijn gedachten heen vliegen. Soms zit ik echter ook volledig met mijn handen in het haar. Geen idee waar het verhaal naar toe moet gaan, geen idee hoe ik naar een clou moet toewerken, die al wel in mijn hoofd zit maar nog lang niet in zicht is.
Ik weet, ik ben soms niet te volgen, maar dat is mijn schrijfproces ook niet helemaal op dit moment.
*kreun*

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 697 andere volgers